Boerderijschuren van vurenhout

In dit artikel komt een aantal boerderijen aan bod waarvan het bintwerk gedeeltelijk of helemaal van vurenhout is gemaakt.

 

Vuren constructie

FR04300 Bonkwerterreed 2    Spannum   Groot Felsum familie Hanenburg
FR06700 laekwerterwei 9       Spannum   Duinterp familie Postma gemengd vuren en grenen

FR01900 Laekwerterwei 5      Spannum   familie de Jong
FR01700 Skrok 1 Easterein     Eeskwert    Familie Hofstee
FR10500 Holprijp 5                  Tzum        familie Zijlstra
FR05200 Fûns 4                      Jorwerd     familie Hylkema
FR07500 Tzienzerbuorren 10 Reduzum  familie Bokma

FR08000 Noardermar 15 Molkwerum Dijkstra

Gedeeltelijk vuren

FR01000 Hegedyk 2                Oosterwierum familie Reitsma

FR02700 Burmaniawei 8        Edens        familie Lankester

FR03300 Jorumerleane  27   Kubaard   van de Hoek

FR04600 Huns 29 Huns Karsten achterste bint

FR06300 Bonkwerterreed 1 Spannum Wynia voorste bint

FR06400 Tjerkebuorren 1 Spannum Bartels vuren en dennenhout

Vurenhout is het hout van de Fijnspar. De Picea Abies. Kenmerkend aan vurenhout is dat het geen waarneembaar kernhout heeft. Onder de microscoop zijn maar weinig harskanaaltjes zichtbaar. Vaak zie je de harskanaaltjes in groepjes. Het hout heeft een wit-gelige kleur. Het is minder duurzaam dan het harsrijke grenenhout of het looizuurrijke eikenhout.

Voor een artikel over het bouwen van Friese schuren metgeberuik van verschillende houtsoorten zie: Vurenhout in de boerderijbouw

Vurenhout is slecht dateerbaar. Bij het dendrochronologisch dateren van hout wordt er gebruik gemaakt van het feit dat bomen in goede jaren bredere jaarringen maken dan in slechtere jaren. Bomen die in dezelfde klimaatzone staan, en dat kan over grote afstanden zijn, zullen een vergelijkbaar jaarringenpatroon laten zien.

Het lijkt erop dat de fijnspar zo snel groeit dat deze zich weinig van het klimaat aantrekt. Hoe dat precies komt is een vraag voor boomdeskundigen en biologen en valt buiten het bestek van dit artikel.

Er is veel minder in vurenhout is gebouwd dan in grenen- of eikenhout. Er zijn dus ook nog eens minder referenties beschikbaar.

Van de ruim honderd vuren stalen die ik inmiddels verzameld heb (maart 2017) is er maar 5% dateerbaar en dan zelf alleen nog maar aan de hand van een kalender voor grenenhout. Voor grenen is dat al gauw 30-40% en voor eiken boven de 50%!

Wat ik nou ga vertellen is iets waar dendrochronologen van gruwen. Het is mij namelijk gelukt om een groep vuren stalen te vinden die wel heel goed op elkaar reageren maar waar ik geen referentie voor heb om tot een precieze datering te kunnen komen. In vaktermen gezegd is de crossdating van deze groep boorstalen onderling heel goed met een hoge CC (correlatie) waarde en een hoge TT (Student T-test) waarde.

Ik denk dat dat komt omdat de schippers een voorkeur hadden voor bepaalde houthavens rond de Oostzee. Hetzij omdat er eigen handelskantoren waren of bijvoorbeeld omdat de haven goed  bevaarbaar was of iets dergelijks. Het hout kwam dan wel van ver gelegen landen maar kwam uit een relatief klein klein gebied, namelijk het achterland van die bepaalde haven. Het was me al eens opgevallen dat mijn eigen eikenstalen beter met elkaar “matchen” dan dat ze matchen met de referentie kalenders die de collega’s gebruiken. Dat is ook zo bij de grenen stalen. Ik kan dus bijvoorbeeld met mijn eikenstalen, die allemaal hier in Friesland geboord zijn, en die wellicht hoofdzakelijk uit bepaalde gebieden afkomstig zijn, een betere referentiekalender maken met een hogere CC en TT waarde dan wanneer ik deze houtstalen met de referentiekalenders van anderen vergelijk.

Zo dus ook met het vuren. Ik heb weliswaar weinig kalenders voor vuren maar ik heb wel een paar groepjes vurenhouten stalen die duidelijk en goed met elkaar crossdaten.

Een dendrochronoloog gruwt ervan als er gegevens bij de datering worden gebruikt die niet rechtstreeks aan het hout zelf zijn ontleend. Zo mogen schriftelijk bronnen zeker geen basis vormen voor een datering.

Ik wil hier van deze regel afwijken. Ik heb een achttal gebouwen gevonden waarvan het vurenhout goed met elkaar vergeleken kan worden maar waarvoor ik geen kalender kan vinden.

Een groepje stalen die wel een relatie met elkaar heeft, een goede “crossdate”, maar die niet aan de hand van een kalender gedateerd kan worden noemen we een “floating chronologie”.

Twee van deze acht gebouwen hebben een zeer bekende en goed gedocumenteerde geschiedenis. De boerderij van Natuurmonumenten op het Skrok in Easterein is in 1889 afgebrand en volgens de opgave van de verzekering herbouwd en de boerderij op Groot-Felsum van de familie Hanenburg, is in 1874 gebouwd zoals te lezen valt in het dagboek van de grootvader van Hans Bootsma.

Beide gebouwen laten een bouwstijl zien die nadrukkelijk bij de tweede helft van de negentiende eeuw hoort, 1860-1890. Verder is opmerkelijk dat de crossdate tussen de stalen van deze twee gebouwen precies klopt. Een staal van het ene gebouw moet volgens de floating chronology 15 jaar jonger zijn dan de staal van het andere gebouw en volgens de schriftelijke bronnen is het ene gebouw inderdaad precies 15 jonger dan de andere. Let wel, de dendrochronoloog gruwt hierbij maar ik heb niks anders. Er is nou eenmaal geen vergelijkingskalender en de schriftelijke bronnen die er wel zijn zijn wel heel betrouwbaar en nauwkeurig en de bouwaard van de boerderijen komt overeen met de bronnen.

 

 

 

Geef een reactie