Dateringen per september 2016

Van een flink aantal onderzochte boerderijen heeft het dendrochronologisch onderzoek  tot een datering van een of meer stalen geleid. In veel gevallen zijn de uitslagen eenduidig en is het precieze bouwjaar van het onderzochte gebouw vast te stellen. Er zijn ook stalen waarvan het jaartal van de laatste jaarring nu bekend is, maar waarbij er nog jaarringen missen. Dit is met name het geval als de hoeken van de onderzochte balken “afgeschuind” zijn. Dat komt veel voor bij 19e eeuwse gebouwen. Dan kan wél bij benadering iets over de ouderdom van het object worden gezegd. In veel gevallen vertegenwoordigt het onderzochte houtwerk meerdere bouwfasen. Dat wil zeggen dat een constructie bijvoorbeeld verlengd is door er een bint bij te plaatsen of dat het object bestaat uit een samenstelling, een compositie, van oud hout uit bijvoorbeeld een hooischuur die er eerder heeft gestaan en het nieuw toegepaste hout. Het nieuwste hout zegt dan iets over de oprichtingsdatum van de schuur en het oude hout, vaak eiken, zegt iets over de bouwfase daarvoor. Aangenomen natuurlijk dat dat hout wel van dezelfde locatie afkomstig is. Er kunnen dus meerdere belangrijke bouwjaren voor een en hetzelfde gebouw zijn!

Er zijn boerderijen waarvan er nog geen gedateerde stalen zijn. Het kan zijn dat er meer stalen nodig zijn voor een datering óf dat de datering nog niet gedaan is óf dat het met de technische stand van zaken vandaag de dag nog niet mogelijk is het stalenmateriaal te dateren. Het is dus goed mogelijk dat deze boerderijen te zijner tijd wel degelijk alsnog gedateerd kunnen worden.

Dateren van hout is een uiterst secuur en tijdrovend werk. Hoe meer stalen hoe meer kans dat het hout gedateerd kan worden. Inmiddels zijn dat er al ruim 700! Ook met het schrijven van nieuwe programma’s is er de kans om mettertijd meer stalen te kunnen dateren. Het stalenmateriaal zelf is in feite het belangrijkste. Het samenstellen van een dendrotheek, een bibliotheek voor houtstalen, van Friese bouwwerken heeft de hoogste prioriteit. Het is natuurlijk fijn als er nu al e.e.a. gedateerd kan worden maar er zullen in de toekomst nog veel meer dateringen en andere gegevens uit de stalen gehaald kunnen worden. Daarom zal ik mettertijd het stalenmateriaal aan de Friese gemeenschap overdragen zodat dit cultuur-historische erfgoed behouden blijft voor latere onderzoekers. Het idee is om het stalenmateriaal te gaan bewaren in het depot van het landbouwmuseum.

Mijn hobby “documenteren als vorm van behoud” van Friese boerderijen loopt aardig uit de hand. Het kost enorm veel tijd. Ik besteed niet alleen veel tijd aan het afnemen van boorstalen en het meten en fotograferen van gebouwen maar vervolgens moet ik de meetgegevens invoeren, de foto’s naar mappen kopiëren (en back-ups maken!). De stalen inlijmen, doormidden zagen, polijsten en inmeten. De inmeet gegevens invoeren, stalenvergelijkingen maken, adreslijsten bijhouden, afspraken maken, stukjes schrijven voor deze website en soms lezingen geven.  Ik doe dit allemaal met veel plezier maar ik ben me er terdege van bewust dat door het vele werk het communiceren met de boerderij-eigenaren er wat bij inschiet. Vandaar deze weblog. Ik zal hier regelmatig stukjes over het onderzoek op zetten en dateringsresultaten publiceren. U bent natuurlijk ook altijd van harte welkom om contact met mij op te nemen om te overleggen over de stand van zaken betreffende uw boerderij

Paul Borghaerts
Skrok 6 Easterein
Paul@borghaerts.nl

 

2 gedachten over “Dateringen per september 2016”

  1. Titel stukje september 2017, moet dat niet september 2016 zijn? Voor de rest sta ik helemaal paf! Wat een energie, jij stopt 48 uur in 1 dag. En wat een prachtige resultaten. Respect!

Geef een reactie